ALGEMEEN INFORMATIE - PROVINCE VAN MARANHÃO

Een gebied voor mensen die op zoek zijn naar de beste vakanties en een gevarieerd aanbod willen om te ontspannen, om de geschiedenis van een land te leren kennen en om stranden en festivals te bezoeken. Dat is Maranhão in het kort. Het heeft de tweede langste kustlijn van de Braziliaanse staten en het historische centrum van de hoofdstad telt meer dan drieduizend gebouwen uit de achttiende en negentiende eeuw. En dan zijn er nog de diverse ritmes die variëren van de volksdansen van de Bumba-meu-boi tot reggae. Het is het land waar men zonder aarzeling moet ingaan op de uitnodiging van een Maranhense om overdag te dansen in één van de parken die overal in de stad zijn aangelegd. Ook u zult zonder twijfel een geweldige tijd hebben in dit sprookjesland.

São Luis, de hoofdstad van Maranhão, draagt de naam van het eiland waarop zij is gebouwd, halverwege de kust. Het klimaat in de stad is tropisch, warm en semi-vochtig. Er waait tussen juli en december een frisse, constante wind. Tijdens de periode die de Maranhenses, de inwoners van Maranhão, winter noemen zorgen zware regenbuien voor een aangename temperatuur.

São Luis werd in 1612 gegrondvest door de Fransman Daniel de La Touche,  de Heer de la Ravardière. De stad werd genoemd naar de jonge koning Lodewijk XIII van Frankrijk. Het was de bedoeling dat het dorp een Franse basis zou vormen, maar die droom duurde slechts twee jaar: Portugal verdreef de invallers uit de kolonie en heroverde wat de Tupinambá-indianen het ‘Grote Eiland’ noemde. Later veroverden de Nederlanders het eiland, maar ook dit duurde niet erg lang.

ARCHITECTUUR EN WINKELEN
Omdat het eiland een haven aan zowel de zee als de rivier heeft, is het eiland tijdens de achttiende en negentiende eeuw altijd een belangrijk agrarisch, commercieel exportcentrum geweest. Dat is nog terug te zien in de stedelijke en architectonische kenmerken van de stad, die vandaag de dag nog één van de aantrekkelijkste punten van São Luis vormen. Nauwe hellingen van oude kasseistraatjes leiden naar steegjes en pleinen met oude, twee verdiepingen tellende huizen die zowel binnen als buiten zijn versierd met geglazuurde tegels, geïmporteerd vanuit Europa of de Portugese kolonie Macau.

Praia Grande ligt in het lager gelegen deel van de stad en  is één van de districten die São Luís het best vertegenwoordigt. In dit gebied bouwden de rijkste handelaren hun huizen. De benedenverdieping was dan meestal een opslagruimte voor allerhande goederen. De markt in Praia Grande die vlakbij het Lago do Comércio ligt, biedt een gevarieerd aanbod van etenswaren. Hier vind je de tiquira, een sterke en zoete brandewijn die is gemaakt van maniok, een typisch product van Maranhão; of gedroogde vis; verder veel tropische vruchtensoorten zoals açaí (of juçara), cupuaçu, de olie- of babaçu-palm, allerlei soorten desserts en likeuren uit de streek.

Het historische centrum van São Luís wordt gekenmerkt door private en overheidsgebouwen. De belangrijkste winkelstraat in de stad is de Rua Grande, de Grote Straat. Maar de belangrijkste winkelcentra liggen aan de Praça João Lisboa, het João Lisboa Park. In het district Renascença, het nieuwe stadsdeel, bieden de winkelcentra elegante kleding, geïmporteerde producten, eten en ontspanning.

STRANDEN EN BEZICHTIGINGEN
Ponta d’Areia is het strand dat het dichtst bij de stad ligt, zo’n vier kilometer ten noorden van São Luís. De ruïnes van het  zeventiende eeuwse fort St. Antonius worden door heel veel toeristen bezocht. Jonge mensen en surfers geven de voorkeur aan het São Marcos strand waar ook veel bars en restaurantjes zijn. Het strand is genoemd naar het fort dat een oude vuurtoren heeft die tot de dag van vandaag nog werkt.

Het Calhau strand ligt net als dat van São Marcos aan de Avenida Litorânea, de weg die de zeelijn volgt. Het strand staat bekend vanwege de zandduinen. Voor mensen die houden van windracen is het gebied van Olho d’Água de ideale plek, vanwege de krachtige winden die er waaien. Het is een strand dat wordt omringd door duinen, heuvels en kliffen. Jetskiën kan worden gedaan bij het Praia do Meio strand, terwijl kampeerliefhebbers hun tenten opzetten bij het strand dat de naam Caolho draagt.

Een toer door de hoofdstad van Maranhão komt langs de fonteinen, de parken, de musea en de kerken. De Metropoliete Kathedraal werd gebouwd in de zeventiende eeuw in barokke stijl. Het hoogaltaar valt onder het historische erfgoed.

De kerk van São José do Desterro die in dezelfde eeuw werd gebouwd, was de eerste kerk die in de staat Maranhão werd opgericht. Tijdens de Nederlandse invasie werd de kerk verwoest, maar later door de inwoners van de stad herbouwd.

De bezoekers van de Igreja dos Remédios, een voorbeeld van gestileerde gothische architectuur, moeten van de gelegenheid gebruik maken om een bezoekje te brengen aan het Gonçalves Dias Plein dat is genoemd naar een beroemde dichter uit Maranhão. Het plein staat ook bekend als Largo dos Amores en is een ontmoetingsplaats voor verliefde stelletjes die de zonsondergang willen bewonderen. Het Deodoro Plein is een podium voor de artistieke, politieke en religieuze bewegingen in de stad. Rond het Dom Pedro II Plein liggen de overheidsgebouwen: het stadhuis, de kathedraal, het paleis van de aartsbisschop en het Palácio dos Leões, het Leeuwenpaleis, waar in het verleden de staatsregering was gevestigd, maar dat nu in een cultureel centrum is omgetoverd.

Het culturele symbool van São Luís is het Arthur Azevedo Theater, één van de oudste, meest traditionele en beroemdste theaters in het land. De inwoners van São Luís, de Ludovicenses, zijn erg trots op hun theater dat in 1817 in gebruik werd genomen onder de naam Teatro União, een verwijzing naar de opname van Brazilië in het Verenigde Koninkrijk van Portugal en Algarve, in 1815. De huidige naam van het theater is een eerbetoon aan de toneelschrijver van Maranhão, Arthur Azevedo (1855-1908). Tussen 1991 en 1993 werd het vervallen theater gerestaureerd. Nu worden er opera’s, balletten en drama’s opgevoerd en kan het zich meten met de belangrijkste theaters in de wereld. Er zijn 750 zitplaatsen, een zaal van 15 bij 12 meter, drie liften voor het aanbrengen van speciale effecten en een orkest.

VISSTOOFPOT EN MINIATUREN
Een hoogtepunt van culinair Maranhão is de overvloedige aanwezigheid van allerlei soorten vis en zeevruchten die vooral worden gebruikt in de peixada maranhense en in garnalenstoofpot. Eén van de meest kenmerkende schotels van deze regio is de arroz de cuxá  (cuxá-rijst) dat wordt gegeten met gefrituurde vis of garnalentaart. Meestal wordt dit gerecht gegeten met een dressing van azijn, gember en gedroogde meel.

De gekookte en gestoofde visschotels worden gemaakt met ingrediënten die een Afrikaans en indiaans element aan de maaltijd geven: okra, zoete aardappel, olie en melk van de babassupalm, taioba (een soort taro met eetbare bladeren) en vele andere. Pap, farofas (een Braziliaans gerecht dat wordt gemaakt van cassavemeel) en rijst met spek behoren tot de bekendste bijgerechten. Vatapa en caruru, twee gerechten die oorspronkelijk uit Bahia komen, zijn hier ook zeer populair, maar aangepast aan de smaak van de inwoners van Maranhão. Daardoor zijn de gerechten wat minder scherp dan in Bahia.

Bacuri, bananen, murici, guava en andere soorten vruchten worden verwerkt in de lekkerste nagerechten die bijzonder populair zijn. Sorbetten, tapiocakoekjes, cassave, maïs en rijst vormen een belangrijk onderdeel van het dagelijkse menu in Maranhão. De creativiteit van de kookkunst beperkt zich niet tot voedsel, maar charmeert ook degenen die van alcoholhoudende drankjes genieten: er zijn duizenden soorten likeur, de heerlijkste wijnen die heel goed samen gaan met vlees en vis, en tiquira, een soort brandewijn die van cassave wordt gemaakt.

De creativiteit van de Maranhenses vinden we ook terug in de houtbewerking die van generatie op generatie wordt overgedragen. We vinden het terug in kleine replica’s van de traditionele bootjes die hier op zee worden gebruikt. De miniaturen betuigen hun respect aan de traditie van bomba-meu-boi en beelden de verschillende karakters uit, die op het festival prachtige traditionele kleding dragen.

De winkels in het historische centrum en in de Cepramamarkt (een centrum om handwerkers te ondersteunen) zijn ondergebracht in een oude fabriek, São Luís. De toerist vindt er kantwerk, katoenen hangmatten en allerlei gebruiksvoorwerpen en wapens van indiaanse stammen als de Canelas, de Guajajaras en Krikatís.

BOI EN REGGAE
Juni is de festivalmaand in de staat Maranhão en in bijna ieder ander deel van Brazilië. In Maranhão is de os de belangrijkste attractie. Plezier en bijgeloof mengen zich  in een oud festival dat lijkt op de oude middeleeuwse blijspelen. De Bumba-meu-boi is net zo populair als het carnaval en er zijn honderden groepen bij betrokken die als gemeenschappelijke noemer hebben dat ze zijn toegewijd aan São João (St. Johannes). De groepen maken gebruik van verschillende ritmes, kleding en instrumenten. Ze zijn ook onderverdeeld in drie verschillende stromingen die zijn gebaseerd op de invloeden, de dansen, het type en de beat van de drums en fluitinstrumenten die worden gebruikt.

Het oorspronkelijke toneelstuk gaat over een os wiens tong wordt afgesneden door een vader die de wensen van zijn vrouw wil vervullen. Het was haar eerste zwangerschap. Vandaag de dag zijn de grappen satirisch en krijgt het protest stem door middel van geïmproviseerde melodieën over religie en natuur. Maar de deelnemers zingen nog steeds de oude liederen die iedere Maranhense uit het hoofd kent.

Hoewel de Bumba-meu-boi nog net zo populair is als in de dagen van weleer, moet de dans tegenwoordig de aandacht delen met de reggae. Halverwege de jaren zeventig werd de reggae zeer populair in de zwarte volkswijken van São Luís. De muziek heeft zich inmiddels over de hele staat verspreid en kent haar eigen gewoonten en dialect en is aanwezig in zowel de befaamde nachtclubs als in de kleine, achteraf gelegen danszaaltjes waar liefhebbers dansen op de betonnen vloer. 

Reggae kent zijn eigen weekagenda in de hoofdstad en er komen iedere nacht veel mensen op af die zich vermaken in de bars in het historische centrum en in het district São Fransisco. Maar het dansen beperkt zich niet tot de nachtelijke uurtjes. Overdag, wanneer de zonaanbidders het water in en uit gaan, dansen de badgasten in de clubs die aan het strand liggen. De Tribo de Jah, een band die bijna uitsluitend bestaat uit blinde mannen, was één van de belangrijkste groepen die verantwoordelijk was voor de verspreiding van de Jamaicaanse muziek onder de verschillende standen en plaatsen van Maranhão.

ALCÂNTARA EN LENÇÓIS 
Het Festival do Divino Espírito Santo (Festival van de Goddelijke Heilige Geest) dat wordt gehouden in de stad Alcântara,  wordt gekenmerkt door het vieren van missen, litanieën en heel veel muziek, waaronder reggae.  Het festival wordt gehouden in de maand mei en duurt tien dagen. Het begint op de dag voor Hemelvaart en gaat door tot Eerste Pinksterdag. Het feest kent allerlei rituelen, zoals het optillen van de vlaggenmast, het roffelen op dozen, plechtige zang en nog veel meer. In augustus vieren de zwarte mensen in de regio São Benedito (Heilige Benedictus), voornamelijk op het ritme van de tambor de crioula, een druminstrument dat veel voorkomt in Maranhão.

Deze twee festivals bieden een uitgelezen mogelijkheid om Alcântara te leren kennen. Maar er zijn genoeg andere redenen om de stad te bezoeken. Komend uit São Luís steekt men de Baai van St. Marcus over, een bootreisje van ongeveer een uur. De stad is een prachtig architectonisch monument en bestaat uit 370 gebouwen, tien straten en een aantal parken en zijstraten die zijn geplaveid met zwarte stenen. Het levensritme in Alcântara is langzaam en stil waardoor het lijkt alsof de bezoeker een reis door de tijd maakt.

De geschiedenis neemt ons mee naar Tapuitapera, een klein Indiaans dorp van de Tupinambás dat in de zeventiende eeuw tot een stad uitgroeide, Santo Antonio de Alcântara. Daarna kwamen de suikermolens en de Europese levenswijze die werd meegebracht door de zonen van de baronnen die terugkwamen van hun scholen op het oude continent. Vanwege haar strategische ligging werd Alcântara gekozen als de plaats voor een satellietlanceerbasis. Dit bracht het dagelijks leven van de inwoners en de toeristen die de stad bezoeken niet in gevaar, maar zorgde wel voor een betere infrastructuur, voor restaurants en hotels en een futuristisch tintje dat in contrast staat met het historische toerisme.
 
Maranhão heeft ook één van de interessantste geologische fenomenen van het land. Het Parque Nacional dos Lençóis Maranhenses (Het Nationale Park Lençóis Maranhenses) werd in 1981 opgericht om 155 duizend hectares natuurgebied te beschermen, gevormd door duinen en lagunes met vers en helder water. Het gebied is net zo groot als de stad São Paulo. Eén van de belangrijkste toegangspoorten tot het gebied is de stad Barreirinhas dat 370 kilometer van São Luís ligt, in de Baixada Oriental Maranhense (Oostelijk Laagland van Maranhão). De bezoeker kan verblijven in rustieke huizen en in de omgeving van de Preguiças Rivier wemelt het van kraanvogels, meeuwen en rode kreeften. De beste tijd van het jaar om het park te bezoeken is tussen maart en september. Dan is het regenseizoen voorbij en zijn de lagunes vol en is het landschap met zijn duinen – van soms wel vijftig meter hoog - op z’n mooist.